Mondkapjes: het failliet van Lean?

De Coronacrisis is een maatschappelijk drama. Het beperkt zich niet tot een virus dat een groot gevaar voor de volksgezondheid vormt en ons sociale en maatschappelijke leven verlamt; het legt onverwacht ook veel andere problemen bloot.

Eén van die problemen die blootgelegd zijn, is Lean. Immers: Lean en Just-in-Time preken voorraadverlaging, en dat heeft geleid tot het huidige schrijnende tekort aan mondkapjes en andere materialen die nodig zijn in de zorg. Toch? Jan Kluytmans, arts-microbioloog bij het Amphia Ziekenhuis in Breda stelde bijvoorbeeld op 27 maart in EenVandaag:

En Ewald Engelen, hoogleraar financiële (!) geografie aan de Universiteit van Amsterdam, suggereert in de Groene Amsterdammer dat de ‘bufferhaat’ van Lean en Toyota mede heeft geleid tot het tekort aan ziekenhuisbedden, mondkapjes, ventilatoren en testkits.

Au. Dat doet pijn. Alleen… wat deze heren beschrijven, heeft niets met Lean te maken. Het is zelfs het tegendeel.

Waar slaan Kluytmans en Engelen de plank mis? Het begin van de uitleg wordt gegeven door Mathieu Segers, hoogleraar Europese geschiedenis aan de Universiteit van Maastricht, in het programma Medialogica Kort van 2 april:

Segers heeft het over een ijzeren voorraad. Volgens Wikipedia is het doel van een ijzeren voorraad om productietempo en verbruikstempo op elkaar af te stemmen. Dat is duidelijk misgegaan bij de mondkapjes. En laat dat nu precies het doel van Just-in-Time zijn: ‘produceren wat nodig is, wanneer het nodig is, in de benodigde hoeveelheid’ – niet méér en niet minder. En dat niet als statische oplossing van een optimalisatievraagstuk, maar door je aan te passen aan veranderende omstandigheden, zoals China kennelijk wél gedaan heeft naar aanleiding van de SARS- en MERS-epidemieën.

Lean wil voorraden niet onverantwoord naar nul krijgen. Stabilisatie nodigt je uit om voorraden juist op orde te brengen met cyclus-, buffer- en veiligheidsvoorraden (met regelmaat adviseren wij organisaties om hun voorraden eerst op te hogen om de leverbetrouwbaarheid te verbeteren); Just-in-Time zegt niet dat je je voorraden omlaag moet brengen, maar toont je wat je moet verbeteren om je voorraden omlaag te kunnen brengen zonder de leverbetrouwbaarheid in gevaar te brengen. Value stream mapping is een techniek voor senior managers om het integrale productiesysteem zó in te richten dat de klant optimaal bediend kan worden – betrouwbare levering zonder dat de (zorg‑)kosten onbeheersbaar worden. Daarvoor is een zeer gedegen begrip van zowel de (steeds veranderende) ‘vraag’ als de eigen ‘productie’ noodzakelijk.

Het schijnt dat er grote partijen Nederlandse mondkapjes aan China verkocht zijn vlak voordat het virus hier in Nederland opdook (ik heb geen bron kunnen vinden maar Segers lijkt dit ook te suggereren), en dat extra beademingsapparatuur pas bijbesteld werd toen Philips’ voorraden al aan andere landen verkocht waren. In een Lean Nederland had de value stream manager van de gezondheidszorg al in december 2019 kunnen zien aankomen dat er een epidemie onze kant uit zou kunnen komen. Zo’n value stream manager had daarop moeten anticiperen door voorraden op te hogen en extra productiecapaciteit voor mondkapjes te creëren. Het verkopen van mondkapjes en het niet tijdig bijbestellen van beademingsapparatuur lijkt gericht op financieel kortetermijngewin en daarmee het tegendeel van Lean. Zie bijvoorbeeld dit fragment uit een filmpje van John Shook:

Als je hier meer over wilt weten, dan is hoofdstuk 7 uit De Toyota Way van Jeffrey Liker interessant. Daarin beschrijft Liker wat het in praktijk betekent dat Lean niet gaat over geld verdienen, maar over het goede doen (geld verdienen blijkt dan een aangenaam neveneffect te zijn trouwens). Op pagina 71 schrijft Liker:

‘Kan een moderne onderneming gedijen in een kapitalistische wereld en winst maken door het juiste te doen, ook als dat betekent dat kortetermijndoelstellingen niet altijd het eerste doel zijn? […] Toyota’s grootste bijdrage aan het bedrijfsleven [bestaat] eruit dat het het levende bewijs vormt dat dit mogelijk is.’

Als we daarentegen de borrelpraat van Kluytmans en Engelen zouden volgen, dan komen we op opmerkelijke conclusies. Bijvoorbeeld:

  • ‘Uit de praktijken van bijvoorbeeld Jomanda blijkt duidelijk dat gezondheidszorg uiterst schadelijk is. Helaas blijven nog veel mensen naïef geloven in die gezondheidszorg. De studie Geneeskunde kan de toestroom aan nieuwe studenten zelfs niet aan waardoor ze moeten selecteren! Het wordt tijd dat we hier afscheid van nemen.’
  • ‘We hebben nog nooit een aap tot mens zien evolueren. Toch blijven mensen maar in die evolutietheorie geloven. Het wordt tijd dat we die theorie uit het onderwijs verbannen.’
  • ‘Telkens weer blijkt uit rekentoetsen die kinderen op school maken dat rekenen tot verkeerde antwoorden leidt. Desondanks blijven mensen er maar in geloven. Het wordt tijd dat we ons naïeve geloof in wiskunde en wetenschap achter ons laten.’
  • Sjalalie sjalala van Sieneke heeft onomstotelijk aangetoond hoe kwalijk muziek is. Helaas blijven er desondanks maar mensen naar uitvoeringen van het Concertgebouworkest komen. Het wordt tijd dat we de conservatoriumopleidingen afschaffen!’

Hopelijk is het duidelijk wat in deze redeneringen mis gaat: de evolutietheorie beweert helemaal niet dat apen tot mensen evolueren, Jomanda bedreef helemaal geen geneeskunde, dus haar handelwijze kun je onmogelijk de geneeskunde aanrekenen. Foute antwoorden in sommen komen juist doordat de rekenregels verkeerd zijn toegepast, dus dat kun je de wiskunde niet verwijten. En het bestaan van Sjalalie sjalala kun je niet het Concertgebouworkest verwijten.

Net zo kun je het onverantwoord verlagen van voorraden en het niet-hebben van een systeemvisie op de organisatie onmogelijk Lean verwijten!

Waar de heren duidelijk een punt hebben, is dat veel voorraden daadwerkelijk in een onverantwoorde mate verlaagd zijn met het oog op kostenbesparing op de korte termijn. Wat ook klopt, is dat dat heel vaak uit naam van ‘Lean’ is gedaan. Onjuist en onterecht, maar het is wél gebeurd – en dat kunnen we deze heren niet verwijten. Het begrip ‘Lean’ is nooit gedeponeerd als beschermd merk, zodat iedereen zich Lean trainer of adviseur mag noemen. En dat gebeurt dus ook. In het beste geval heb je een ont-zet-tend leuke workshop maar zonder echt of blijvend resultaat; in het slechtste geval zitten we zonder mondkapjes en beademingsapparatuur tijdens een pandemie. En elke MBA kan alles verkondigen over Lean wat ze willen. Jammer, want zo blijven we steken in het verkwistende massaproductiedenken van honderd jaar geleden.

Dit richt onnoemelijke schade aan, veel meer dan alleen mondkapjestekorten (hoe erg dat op zichzelf al is):

  • Economische en ecologische schade, doordat we allemaal on-voor-stel-baar veel inefficiënter werken dan mogelijk is (we blijven bijvoorbeeld heen en weer slingeren tussen enerzijds onverantwoorde voorraadverlaging uit financieel eigenbelang en anderzijds kolossale verkwisting door voortdurend veel te hoge voorraden van alles aan te houden);
  • Sociale schade, doordat we mensen onderwaarderen en ‑belonen of juist overwaarderen en ‑belonen vanwege hun positie in de hiërarchie (in Lean schaffen we autoriteit op basis van hiërarchie af en moeten we gezamenlijk leren observeren wat daadwerkelijk wel en niet werkt);
  • Intellectuele schade, doordat we mensen, inclusief onszelf, onvoldoende ontwikkelen in het beoefenen van observatie, analyse en experimentatie (in Lean leren we hypothesen te ontwikkelen en die te toetsen in praktijkexperimenten – het is de enige bekende operationalisatie van ‘de lerende organisatie’).

De omvang van deze schade is niet te bevatten.

We kunnen mensen niet verwijten dat ze weinig van Lean weten. Ook hoogleraren niet. Maar het is jammer dat mensen met enorme expertise op het ene vlak (microbiologie of geografie) een podium krijgen en geloofwaardigheid toegedicht wordt op een totaal ander vlak (Lean bedrijfsvoering), vooral wanneer ze aperte onjuistheden verkondigen op dat andere vlak en helemaal wanneer ze daarmee zelf de schade aanrichten die ze anderen verwijten. Juist wetenschappelijk hoogopgeleide mensen die de media zoeken hebben een verantwoordelijkheid om die patronen niet in stand te houden door zonder kennis van zaken zomaar iets te roepen.

Deze bijdrage is geschreven door onze collega, Marcel Aartsen.

Foto door Mika Baumeister.